BiebBlog

Vlissingen

Bibliotheekmedewerkers
aan het woord

19 april 2010 @ 08:20 door | Geen reacties

Onderzoek Web 2.0 toepassingen Vlissingse basisscholen

reference1traspInternet maakt een snelle ontwikkeling door. Inmiddels zijn we aangekomen bij de tweede versie: Web 2.0, ook wel het interactieve of sociale web genoemd. Kenmerkend zijn de  toepassingen waarbij gebruikers onderling verbonden zijn, zelf informatie aanbrengen, met elkaar discussiëren, op elkaar reageren en samen structuur en hiërarchie aanbrengen in informatie. Voorbeelden zijn: blogs, wiki’s, sociale netwerken en digitale leeromgevingen.

Ook is een ontwikkeling dat kinderen op steeds jongere leeftijd gebruik maken van Web 2.0. En dat doen ze lang niet op een veilige en verantwoorde manier. Denk hierbij bijvoorbeeld aan ongewenste contacten op Hyves, maar ook het verkeerde gebruik van informatie, veelal gevonden door lukraak wat te Googlen.

Onderzoek
Begin 2010 heeft StadsMonitor, in samenwerking met een Pabo-studente, onderzoek verricht onder leerkrachten van bijna alle Vlissingse basisscholen. Het betrof vooral een inventarisatie van de mate waarin docenten kennis hebben en gebruik maken van web 2.0 toepassingen en de mate waarin aandacht wordt besteed aan verantwoord internetgebruik bij leerlingen.

Resultaten
Circa 85% van de docenten gebruikt tijdens het werk (zeer) regelmatig faciliteiten van internet, zoals: ‘lesgeven via het digitale lesbord’, ‘voorbereiding van lessen’ en ‘kinderen zelfstandig laten werken met internet’. Ruim 70% past (zeer) regelmatig digitaal lesmateriaal toe.
Leerkrachten maken op de werkvloer vooral gebruik van ‘e-mailen’, ‘het opslaan, delen en bewerken van foto’s’, ‘mindmappen’, ‘presentaties maken en delen’, ‘online flashcards’ en ‘Classmarker/quiz maken’. Weinig animo is er voor ‘bloggen’, ‘microbloggen’, ‘rss’, ‘social bookmarking’, ‘wiki’s’ en ‘social networksites’.

Mediawijsheid
Tweederde van de docenten besteedt in de klas aandacht aan mediawijsheid: het op verantwoorde, kritische wijze gebruiken van (digitale) media. Leerkrachten werken hoofdzakelijk aan mediawijsheid via thema’s of in de vorm van een project. Dat dit nuttig is bewijzen de resultaten van een ander, recent onderzoek onder basisschoolleerlingen.

Ongeveer de helft van de leerlingen zit dagelijks één tot meerdere uren op internet; 67% geeft zich hierbij over aan het bekijken van filmpjes, 44% surft gewoon wat rond, 42% bezoekt Hyves/Facebook en 33% besteedt de tijd (ook) aan chatten. Voorts zeggen leerlingen het meeste te leren over internettoepassingen van familie en vrienden en slechts 5% noemt de juf of meester. Ook meldt 80% goed zelfstandig informatie te kunnen zoeken op het internet…..

Met spoed aandacht gevraagd
De ontwikkeling van internettoepassingen gaat ongeremd door en kinderen maken op steeds jongere leeftijd hiermee kennis. Veelal niet in de school-, maar in de privéomgeving. Een situatie die veel beter omgekeerd zou kunnen zijn. En zeker kan zijn, wanneer scholen gebruik maken van de diensten van de bibliotheek om te komen tot een aantrekkelijk en mediawijs digitaal aanbod aan leerlingen.

Auteur

Rubrieken Educatie, Internet

Trefwoorden ,

Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

coded with care by codetikkers.nl, ontwerp IDA