BiebBlog

Vlissingen

Bibliotheekmedewerkers
aan het woord

29 juni 2011 @ 08:27 door | Geen reacties

Wat is een digitale bibliotheek eigenlijk?

euro-kleinDeze week nam ik deel aan een landelijke discussie over verdeling van kosten binnen onze begroting met het doel duidelijk te krijgen wat een digitale bibliotheek eigenlijk kost. De rijksoverheid overweegt namelijk de verantwoordelijkheid voor opzet en financiering van een landelijke digitale bibliotheek op zich te nemen.
Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen vroeg de bibliotheken van Deventer en Vlissingen voorwerk te verrichten om dit redelijk nieuwe fenomeen financieel in kaart te brengen. Zes andere bibliotheken passen de ontwikkelde verdeelsleutels toe op hun eigen begroting. Met de uitslag ervan wil het ministerie haar beleid op dit terrein onderbouwen.

Definitie
Toen bleek dat de ene bibliotheek dvd’s en hun internetcomputers ook tot de ‘digitale bibliotheek’ rekenen, en de ander juist bewust niet, was definiëring hard nodig. Dit is voorgesteld:

De digitale bibliotheek is de elektronische variant van een bibliotheek, waarin virtueel bronnen beschikbaar staan, advies gegeven wordt bij het gebruik daarvan én interactiviteit bevorderd wordt. Het is de virtuele tegenhanger van de fysieke bibliotheek.
Dit betekent dus dat de digitale bibliotheek in zo groot mogelijke mate alle bronnen (boeken, artikelen, documenten en audiovisuele media) online beschikbaar stelt of online bestelmogelijkheden daartoe biedt. Daarnaast zijn alle diensten, gericht op het optimaal kunnen benutten van die bronnen, onafhankelijk van plaats en tijd integraal verkrijgbaar.
Tenslotte kan de digitale bibliotheek interactiviteit bevorderen door bezoekers gelegenheid te bieden op adviezen en bronnen te reageren, hun waardering te uiten en in te haken op reacties van anderen.

Uitsplitsing
Al discusiërend kwam het gezelschap tot een volgende verdeling van kosten:

1. Digitale infrastructuur
Hieronder verstaan we alle kosten die gemaakt worden voor computerhardware, software en randapparatuur, samen met bestandsservers en netwerken die deze met elkaar verbinden om een landelijke digitale bibliotheek mogelijk te maken.

2. Digitale content
Hieronder verstaan we alle kosten, die gemaakt worden voor de content van de digitale bibliotheek, zoals voor de redactie en alle bureaukosten voor bijvoorbeeld G!DS, Al@din, digitale etalages of schoolbieb. Denk hierbij aan fotoreportages van activiteiten, podcasts, filmpjes, blogposts of columns.

3.  Digitale diensten
Dit zijn kosten voor virtuele vertalingen van diensten, die vaak ook in fysieke vorm in een bibliotheek af te nemen zijn, zoals het stellen van vragen aan personeel (door digitaal vragenformulier, Chat, Skype of Twitter), het bestellen van bronnen (van afhandeling reserveringen, interbibliothecair leenverkeer tot levering), het geven van advies (b.v. door automatische voorselecties op persoonlijke pagina’s en nieuwe aanwinsten op smaak), het deelnemen aan sociale netwerken (twitteren, chatten, blogs volgen om in contact te komen met de vraag van het publiek en daarop adviezen te kunnen verstrekken) en het bevorderen van interactie op de website (zoals digitale leeskringen, debatten en polls).

4. Gebruiksbevorderende diensten
Dit zijn fysieke diensten (niet per se gebonden aan de bibliotheek, maar bijvoorbeeld ook op een school of in een zorgcentrum) die erop gericht zijn het gebruik van de digitale bibliotheek te bevorderen. Hieronder zijn te rekenen introductiecursussen, een virtueel loket, promotieactiviteiten, gastlessen en documentatiemateriaal of filmpjes hiervoor.

Alle overige kosten betreffen de fysieke dienstverlening.

Uitkomst
Driekwart van alle middelen van Bibliotheek Vlissingen wordt momenteel nog ingezet voor fysieke diensten. Eén kwart gaat dus naar de digitale bibliotheek. Slechts 2% van het totaal is voor de  infrastructuur, 7% voor ontwikkeling van content als G!DS en themadossiers, 9% voor digitale diensten en 7% voor promotie.
De verwachting is dat bibliotheken de komende jaren een aanmerkelijk groter deel van hun budget moeten kunnen inzetten voor de virtuele dienstverlening. Het rijk zal waarschijnlijk zorgen voor de landelijke infrastructuur en een deel van landelijke content, zodat bibliotheken daar alleen met lokale content op hoeven aansluiten.

Auteur

Rubrieken Dienstverlening

Trefwoorden ,

Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

coded with care by codetikkers.nl, ontwerp IDA