BiebBlog

Vlissingen

Bibliotheekmedewerkers
aan het woord

28 oktober 2011 @ 08:21 door | Geen reacties

Losbollig eikeltjesvolk

EikelmannetjesNu de wind de restanten van de nazomer heeft weggeblazen, vergeelde bladeren rond dwarrelen en eikels massaal op de grond vallen, is het de tijd bij uitstek voor een beetje nostalgie. ‘Back to the Sixties’, want in die tijd verscheen het meest herfstige boek dat de Nederlandse literatuur kent. Het magnum opus van een van de grootste multitalenten die Nederland ooit heeft voortgebracht: Jean Dulieu (1921-2006), de geestelijk vader van Paulus de Boskabouter.

Veelzijdig getalenteerd
Dulieu, pseudoniem van Jan van Oort, was een zeer veelzijdig kunstenaar. Hij kon niet alleen meesterlijk schrijven, tekenen en schilderen, hij bracht zijn figuren ook tot leven door ze tussen 1955 en 1964 in hoorspelen op de radio en later ook in een poppenserie op televisie onvergetelijke stemmen mee te geven. Hij was dus ook een acteur, poppenspeler en stemvirtuoos.

Zijn veelzijdigheid wordt nog verbazingwekkender door zijn muzikale carrière voordat hij in 1946 met de Paulus-strip begon in Het Vrije Volk. Hij studeerde op het Amsterdams Conservatorium viool en deed in 1940, op negentienjarige leeftijd, eindexamen. Hij schopte het uiteindelijk tot tweede violist bij het Concertgebouworkest. Toen in de hongerwinter van 1944 alle fietsen van de orkestleden in beslag waren genomen, nam Dulieu ontslag bij het orkest, ging tekenen en even later was Paulus de Boskabouter geboren.

Dulieu creëerde al snel bekende tegenspelers voor zijn geesteskind: vrienden als de helendal nogal wel zo tamelijk verwaande uil Oehoeboeroe,  de quasi-slimme raaf Salomo en Gregorius de das met een spraakgebrek, en vijanden als de treiterende en onhandige heks Eucalypta en haar slaafse volgeling Krakras de kraai. Velen zullen een glimlach van herkenning vertonen, want vooral de herkenbare menselijke eigenschappen van deze stripfiguren maakten de Paulus-verhalen geliefd bij een groot publiek, zowel jong als oud.

Grimmig sprookjePaulus en de eikelmannetjes
Dat de innemende boskabouter nog steeds kan boeien, bleek toen ik onlangs Jean Dulieu’s meesterwerk ‘Paulus en de eikelmannetjes’ (1965) aan mijn zesjarige dochter voorlas. Uiteraard niet met bijbehorende geleende Dulieu-stemmen, want dat vergt zeer lenige stembanden, een enorm grote longinhoud en staat bovendien na enkele minuten garant voor een vuurrood hoofd. Ondanks het wat verouderde taalgebruik luisterde dochterlief gefascineerd naar Paulus’ avontuur met die ontelbare, leeghoofdige eikelmannetjes. Terwijl het boek door zijn inhoud en grimmigheid toch eigenlijk meer een sprookje voor volwassenen is. Het humorvolle en zelfs filosofische verhaal staat namelijk bol van metaforen over goed en kwaad, en is verder bijzonder taalrijk.

Het staat vol met prachtige herfstzinnen over scharrelende en schuifelende bladeren die onder zwak geritsel naar beneden dwarrelen. De wind giert met veel gedruis en geknetter en geflapper van meetollende bladeren. De knappen en kraken en knallen zijn niet van de lucht. Met veel geklats en geplof vallen eikels naar beneden. Het zijn de eikelmannetjes die immer doelloos rond dwalen, geestdriftig maar gedachteloos. Door een gemene toverstreek van Eucalypta de heks wordt Paulus hun onwillige eikelkoning, die het verwaaide leven van zijn eikeldanen richting moet geven. Dat blijkt onmogelijk. Gestuurd door de wind sleuren Paulus losbollige onderdanen hem noodgedwongen mee in wilde, maar onzinnige bosavonturen.

Wijze Wor
Opvallend hierbij zijn de vele virtuoze, soms bijna surrealistische, kleurrijke aquarellen die de herfst perfect verbeelden. Het jaargetijde waarin dood en verval nooit ver weg zijn. In een nacht houdt Paulus de wacht bij het stervende eikelmannetje Wor de Wijze, de oude raadsman. Het sterven is niet triest, omdat uit de dood het nieuwe leven ontstaat: “U hebt vast nog een heel lang leven voor u.”, zei Paulus. De wijze Wor glimlachte. “Daarin heb je gelijk Paulus, een heel, heel lang leven. Vanuit de grond zal ik oprijzen en mijn takken uitspreiden en ruisen met mijn bladeren.”

De tijd is rijp … lees en laat u ook betoveren door Dulieu’s onovertroffen herfst!

Meer over dit boek leest u in een NRC-recensie, voor wie het interessant vindt kan ook het Paulus Archief bezoeken.

Auteur

Rubrieken Recensies

Trefwoorden

Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

coded with care by codetikkers.nl, ontwerp IDA